Post Tagged ‘Kinderen’

kinderenToen ik las dat Europese kinderombudsmannen zeggen dat de situatie voor kindervluchtelingen rampzalig is dacht ik: ‘Wat had je dan gedacht.’ Immers, kinderen zijn altijd de klos. Ze zijn volledig afhankelijk van hun ouders en andere volwassenen om te kunnen en te leren overleven.

Wat denk je van die idioot die met zijn peuter op de arm een vrouw uitschold omdat hij vond dat alle azc’s dicht moeten en alle vluchtelingen het land uit moeten. Het kind huilde bittere tranen om zoveel haat en het geschreeuw van zijn vader. Wat moet er van dat kind worden? Kinderen zijn altijd het slachtoffer.

wildersmetkindWat te denken van ouders die vinden dat hun kinderen beveiligd moeten worden als ze naar school gaan omdat er een azc in de buurt is. Vanwege geweld en verkrachtingen die in de xenofobe hoofden van de ouders rondspoken. Wat moet er van die kinderen worden?

Kinderen leren zo te haten. Kinderen leren het land te haten waar ze naartoe gevlucht zijn. Kinderen leren vluchtelingen te haten omdat hun ouders hen dat geleerd hebben. Kinderen die in de toekomst op u en mij moeten passen omdat we oud en versleten zijn. Verzorgd worden door een voormalig kindervluchteling. Verzorgd worden door een dame die ooit op de arm van haar schreeuwende vader zat. Begrijpt u wel.

Kinderen zijn altijd het slachtoffer. En zullen later nieuwe slachtoffers maken.

Bron: NOS buitenland.

Een nieuw vriendje

Geplaatst: 8 april, 2011 in Mensen
Tags:, ,

Het is een heerlijke zonnige dag, vroeg in het voorjaar. Terwijl ik met de hond geniet van het mooie weer zie ik verderop een jongetje naar me toe rennen, hij babbelt enthousiast, heeft zijn handjes wijduit en heeft oog voor slechts een ding: Hond!
Mijn hond, een mix tussen teckel en jorky, reageert blij als hij het kind ziet naderen. Omdat het hondje niet kan babbelen laat hij ter compensatie zijn staartje in hoog frequentie heen en weer bewegen; net niet snel genoeg om het zoemgeluid van een honingbij te produceren.
“Mag ik uw hond knuffelen?” Vraagt het kereltje beleeft.
Het propje draagt, voor een dag als vandaag, een net iets te warme jas met capuchon, waardoor zijn motoriek, dat van een 3 jarige, geaccentueerd wordt; het signatuur van een bezorgde moeder.
“Natuurlijk mag dat, wel opletten, hij springt misschien bij je op”.
Terwijl het hondje en het kereltje een rondedans doen om hun vriendschap te bevestigen hoor ik in de verte een moeder ongerust roepen. Ze heeft het net iets te warm omdat ze een kinderwagen heuvelopwaarts zwoegt en een zoontje heeft die bijna uit haar zicht een hondje knuffelt onder toezicht van een wildvreemde.
Als ze voldoende genaderd is foetert ze haar kind uit en verontschuldigt zich.
“Maakt u geen zorgen, het is een lief manneke, en hij vroeg netjes of hij de hond mocht knuffelen”, leg ik haar uit.
Maar het is al te laat, foeterend trekt ze het ventje mee, die als een pinguïn en druk nababbelend meegaat terwijl het nog even omkijkt en wijst in de richting van zijn nieuwe vriendje.