Archief voor de ‘Fictie’ Categorie

Joris en de witte engel Boreaaliëlle

Geplaatst: 23 maart, 2019 in Fictie

Na de verkiezingen zag Joris het niet meer zitten. Hij begreep niet waarom men stemde op personen en ideeën die ronduit niet netjes waren. Racisme en vreemdelingenhaat voerden het hoogste woord in de media. Geen verdraagzaamheid. Alle grenzen dicht. Joris liet zijn schouders hangen en ging naar bed. Hij was van plan daar te blijven liggen tot hij dood was. Uitgedroogd was. In de hemel was. Hij vroeg zich af of  er racisme in de hemel zou zijn. Of de portier in de hemel toegang zou verschaffen aan vreemdelingen die in Nederland niet welkom zijn. Zou de hemel al vol zitten?  Joris was ten einde raad. Wat als híj ook niet welkom in de hemel was. Omdat hij uit een land komt waar vreemdelingen niet welkom zijn? Waar mensen met een kleurtje niet vertrouwd worden? Zou God een tintje hebben? Jezus, de zoon van God had immers ook een tintje? Joris woelde en draaide in zijn bed. Zijn hoofd maalde. Wat nu? Joris stond weer op en voelde zich heel zielig, machteloos en verlaten. Joris viel in slaap in zijn fauteuil.

Toen werd hij gewekt door een engel. Een witte engel, witter dan wit, zo wit dat het Joris zeer aan zijn ogen deed. “Hallo,” zei de engel, “ik ben de witte engel Boreaaliëlle en kom je een boodschap brengen. God heeft besloten dat jij voor hem aan de slag mag gaan. Hij wil dat je gaat vechten voor de minderheden en zwakkeren en tegen de fascisten. God zal je daarvoor speciale krachten geven. Bovendien heb ik, Boreaaliëlle, een lijntje met God en zal ik je informeren over Zijn wensen. Is dat niet fijn?”

Joris was overdonderd en wilde iets zeggen, maar Boreaaliëlle blies zachtjes in het gezicht van Joris waardoor hij weer in slaap viel. Een diepe, diepe droomloze slaap die Joris hard nodig had om zich op te kunnen laden met de nieuwe krachten die hij van God kreeg, gratis en voor niets. En via Boreaaliëlle een lijntje met God. Is dat niet geweldig? Slaap lekker Joris!

Escort

Geplaatst: 5 januari, 2019 in column, Fictie, Maatschappij

“Komt u verder,” zei de oudere mijnheer tegen de dame. Ze keek de man aan en glimlachte vriendelijk: “Wat kan ik voor u betekenen?” De mijnheer ging aan de tafel zitten en nodigde de dame uit ook te gaan zitten. “Ik wil een eind aan mijn leven maken,” legde hij uit, “ik heb het recept al opgehaald, maar ik wil niet alleen sterven, daarom heb ik u opgebeld.” De dame keek bezorgd: “Ik weet niet of ik …”

De man viel haar in de rede: “Ik heb u nodig om me te begeleiden bij het innemen van de de pillen en de poeders, er is een handleiding bij het recept. Van de poeders en pillen ga ik in slaap vallen en dan, als alles goed gaat, zal ik niet meer wakker worden en versterven. Ik wil graag dat u bij me blijft tot ik gestorven ben. Ik wil graag dat u een parfum opdoet dat wijlen mijn vrouw gebruikte. En ik wil graag dat u bij me in bed gaat liggen als ik alles heb ingenomen zodat ik me wat veiliger voel en in uw armen in slaap kan vallen. Wilt u dat voor me doen alstublieft? Er ligt duizend euro op het nachtkastje.” De oudere man pinkte een traantje weg: “Ik wil niet meer leven, maar ik durf niet alleen te sterven, daarom heb ik uw hulp nodig.”

Er viel een lange stilte en de dame las de handleiding bij het recept, bekeek de poeders en pillen. Ze trok een strak gezicht en zei: “Ik doe het.” De oudere man haalde opgelucht adem en gaf de dame het telefoonnummer van de dokter die ze moest bellen als alles achter de rug was, of in het onwaarschijnlijke geval dat hij weer wakker zou worden.

Een uur later waren alle pillen, poeders en drankjes ingenomen, had de dame de parfum van wijlen zijn vrouw opgedaan en lagen ze samen in bed. Hij lag in haar armen en glimlachte: “Nu kan ik eindelijk lekker gaan slapen.”

De man sliep in de armen van de dame. Ze knuffelde hem en sprak lieve woordjes tot hij stopte met ademen. Voorzichtig kroop ze uit bed. Ze maakte het bed netjes op. Ze kamde zijn haren en zorgde ervoor dat hij er netjes bij lag. “Vijf uren,” mompelde ze tegen zichzelf, “dat is vijfhonderd euro.” Ze nam het bedrag van het nachtkastje en kuste haar vingers om die vervolgens op zijn voorhoofd te leggen: “Slaap zacht lieve man,” en sloot de slaapkamerdeur achter zich.

 

Het wondje

Geplaatst: 17 maart, 2018 in Blog, column, Fictie

Er was eens een mijnheer die een wondje aan zijn linker scheenbeen had hoewel, het was meer een huidschilfertje dat beetje stak, een beetje jeukte. De mijnheer krabde even aan het ongemak. Het schilfertje liet los en er stroomde bloed uit het wondje. Even deppen zou je zeggen maar nee, het wondje bleef bloeden. Een waterdichtpleistertje dan, maar nee, het bloed hoopte zich achter de pleister op tot de boel barstte. De mijnheer ging naar de dokter. De dokter krabde zich even achter de oren en liet een bloedonderzoek doen. Maar mijnheer had geen bloederziekte en had bloedplaatjes zat. Ook de specialist wist niet wat hij met de kwaal aanmoest. Het enige wat de zorg voor hem kon doen was een reservoirtje maken dat hij aan zijn scheenbeen kon binden. Het bloed kon dan opgevangen worden en mijnheer kon dan ongehinderd zijn dagelijkse dingen doen. En hoewel de inhoud vanhet reservoirtje op het eind van de dag een beetje ging klotsen en het gewicht dan als een blok aan zijn been hing kon hij er verder prima mee leven. Mijnheer verzorgde het wondje iedere dag met veel liefde en hield het zo vrij van ontstekingen en complicaties.

Op een zekere dag stopte het bloeden. Het was op het moment dat het hart van de inmiddels oude mijnheer er mee ophield. En de oude mijnheer eindelijk zijn wondje niet langer hoefde te verzorgen. Het reservoirtje niet langer hoefde mee te slepen. In de hemel kreeg de mijnheer een eervolle vermelding omdat hij een voorbeeld was voor mensen die zeuren over een wondje dat maar niet weg wil gaan.

Neanderthaler-hostie

Geplaatst: 27 februari, 2018 in Blog, column, Fictie

Onlangs heeft een amateurarcheoloog in Duitsland een versteende hostie gevonden. Ook vond hij op dezelfde plek botresten van een volwassen Neanderthaler. Er wordt nu gespeculeerd dat hosties duizenden jaren voor christus al in gebruik waren voor godsdienstige rituelen. Dat Neanderthalers het uitverkoren volk waren. Dat de god die men tegenwoordig aanbidt de facto een Neanderthaler is. 

Ik legde de krant weg en schudde mijn hoofd. “Dat kon toch niet waar zijn? Dat mijn god een Neanderthaler was? Dat moest wel ‘fake news’ zijn.”

Maar het kwaad was al geschied. Het aandeel hostie was gekelderd en vrijwel niets meer waard. De kerken bleven leeg en niemand wilde iets te maken hebben met een Neanderthaler-god. De hostie was nu dermate waardeloos geworden dat wij niet meer hoefden te jagen op eventuele hostie-contrabande.

Op het bureau heerste een mineurstemming. Sommigen vreesden voor hun baan. “Misschien moeten we ons weer meer gaan richten op marihuana,” opperde een collega, “anders hebben we niets meer te doen.”

Ik vroeg me af hoe de hemel eruit zou zien met al die Neanderthalers. Hoe ze ons daarboven zouden uitlachen. Ik huiverde even. “Ik kan wel een jointje gebruiken,” antwoordde ik, “wat dat betreft kunnen we ons inderdaad beter gaan richten op marihuana en minder op ‘heilige’ hosties.”

Hostie op de tong

Geplaatst: 26 februari, 2018 in Blog, column, Fictie

Op Schiphol hadden we een stel hostieslikkers betrapt. Vooral vanuit Vaticaanstad werden er veel hosties op deze wijze gesmokkeld. Omdat de hosties onbeschadigd het darmkanaal moesten verlaten waren ze verpakt in ‘Kinder Surprise’ eieren. Voorwaar een hele klus om in zijn geheel door te slikken en een nog grotere klus om uit te persen. Vooral dat laatste leverde menig smokkelaar een uitgescheurde aars op. Een vroedvrouw was daarom bij de smokkelaars aanwezig om bij het uitpoepen van de eieren om indien nodig ‘in te knippen’ en na gedane arbeid indien nodig het zaakje te hechten.

In de krant las ik dat er een conservatieve katholieke beweging was die terug wilde naar hostie op de tong leggen om hem (het lichaam van christus) vervolgens onbeschadigd te laten smelten op diezelfde tong. Er was een kerk waar men inmiddels de daad bij het woord had gevoegd. De warenwet verplichtte mijnheer pastoor en de misdienaars wél om hygiënische redenen ‘nitril’ handschoenen te dragen, maar dat mocht de pret niet drukken.  De duivelse praktijk van het lichaam van christus kapot kauwen in je mond moest, wat de beweging betreft uitgebannen worden.  De beweging noemde zich ‘TNT´, kort voor ‘Terug Naar de Tong.’

Ik legde mijn krant terzijde. De smokkelaars hadden hun contrabande uitgepoept en ik mocht ze naar de cel vervoeren. Ze liepen wat ongemakkelijk, maar volgens de vroedvrouw waren ze allen keurig ingeknipt en gehecht en was er van medisch gevaar geen sprake meer. Het lichaam van christus had de reis door het lichaam van de smokkelaars onbeschadigd doorstaan. Voorwaar een prestatie waar TNT trots op kon zijn.

nephostiehandel

Geplaatst: 23 februari, 2018 in Blog, column, Fictie

Toen op YouTube een filmpje verscheen hoe je met een Senseo hosties kon maken was het hek van de dam. Met enkele aanpassingen aan de koffiemachine en een schepje rijstbloem kon je hosties maken die qua smaak en uiterlijk vrijwel niet te onderscheiden waren van de echte. Het filmpje werd binnen enkele uren van YouTube verwijderd maar het was al te laat. De aandelen hostie zakten in. 

Ik had een afspraak met de tandarts die me was toegewezen door mijn aanvullende verzekering. Kiespijn maakte me het werken onmogelijk. Terwijl de tandarts me verdoofde en ik een vieze smaak in mijn mond kreeg van een drup verdoving vertelde hij me sappige verhalen over zijn tandartsavonturen. Gebroken tanden, mislukte kaakoperaties en tanden die te rot waren om te kunnen trekken en daarom uitgeboord moesten worden. Fascinerend.

Eenmaal terug op het bureau kregen ik een memo in mijn handen gestopt. De politiek had besloten rijstbloem te criminaliseren. Rijstbloem mocht alleen nog verkocht worden op vertoon van een identificatiebewijs. Voorts werd er een database aangelegd van Senseobezitters. Een groot deel van het politiebudget zou besteed worden aan het bestrijden van nephostiehandel. Werk aan de winkel.

illegale hosties

Geplaatst: 22 februari, 2018 in Blog, column, Fictie

Die middag had ik een afspraak met de dokter voor een prostaatcontrole. Daarom had ik de dag daarvoor alleen witbrood met banaan en smeuïge pindakaas gegeten om te voorkomen dat ik op de dag des oordeels zou moeten poepen.  Niks viezer dan in de bibs van een persoon te peuren die net gepoept heeft nietwaar? Bovendien had ik dagcrème meegenomen om mijn aars mee in te smeren. Om op het moment suprême te voorkomen dat de dokter vervelende luchtjes zou ruiken.

De politie had besloten tot een lik-op-stuk beleid voor personen die illegaal handelden in hosties. Het was de politie opgevallen dat misdienaars en pastoors in duurdere auto’s reden en dure horloges van Rolex droegen. Blijkbaar was er grof geld te verdienen met de hostie-handel.

We hadden geluk toen we door een katholieke wijk patrouilleerden. Het raampje van een dure Mercedes met getint glas ging open. Een lege toiletrol, een geliefd verpakkingsmiddel voor illegaal verhandelde hosties,  werd uit het raam gegooid. We hielden het vehikel aan voor een onderzoek.

We vonden een lege keukenrol vol hosties, een partij lege toiletrollen en 1500 euro in contanten. In de kofferbak lagen twee misdienaarsoutfits van dure makelij. We namen alles in beslag, inclusief een Rolex ter waarde van 10.000 euro en een dure zonnebril van Ray Ban. Missie geslaagd!

Toen ik op de behandeltafel van de dokter lag voelde ik me niet op mijn gemak. Na de controle zei de dokter dat alles goed was. Mijn prostaat kon weer een jaar vooruit. Ik bedankte de dokter en keerde huiswaarts. Maar ik piekerde over mijn achterwerk. Of het er wel goed verzorgd uitzag. Want zeg nou zelf, er zit altijd altijd wel een beetje poep op een vinger die in je achterwerk gestoken wordt. En poep stinkt, wat je er ook opsmeert.