Archief voor de ‘column’ Categorie

Brutale Bert

Geplaatst: 5 juli, 2017 in Blog, column

Toen Bert zijn ouders vertelde dat hij stopte met school reageerden ze geschokt. Moeder maakte veel misbaar en vader werd boos. Hij greep, zoals gewoonlijk naar zijn riem om Bert een pak ransel te geven, om hem als het ware terug naar school te meppen. En moeder maakte nog meer misbaar omdat Bert een pak slaag kreeg van zijn vader.

Het pak slaag was voorzien van een vast ritueel; meekomen naar het hok, je bovenkleding uit doen, bukken, en dan met de riemmmm!!!!

De oudere zus van Bert kreeg ook regelmatig slaag. Met een rietje kreeg ze klappen op haar blote billen. Steevast onder luid protest en geween van moeder. Ook hier een vast ritueel; meekomen naar het hok, broek of rok laten zakken, dan je onderbroek laten zakken, bukken, en dan meppen met het rietjuhhh!!!! Hij kreeg dan altijd een rood hoofd.

De zus van Bert ging op haar zeventiende samenwonen met haar vriend, trouwde een half jaar later en was inmiddels hoogzwanger van haar tweede. Wat je al niet moet doen om het ouderlijk huis te kunnen ontvluchten. 

Bert kreeg vijf klappen met de riem maar gaf geen kik. Dat deed Bert al jaren niet meer. Nooit, maar ook nooit zou hij zijn vader dat pleziertje gunnen. Na de klappen keek Bert zijn vader spottend aan. Brutale Bert moest weer bukken en kreeg vijf extra klappen. Wederom keek Bert na het gebeuren zijn vader spottend en stoïcijns aan. Zijn vader schuimbekte van machteloze woede. Bert ‘mocht’ stoppen met school.

Zijn moeder kwam na een pak ransel, voor het slapengaan altijd even bij Bert langs met een verkoelende zalf voor zijn rug. Bert vond, gehard als hij was, dat absoluut onnodig maar genoot toch stiekem van moeders aandacht. Zijn moeder die, zonder dat Bert het wist, net als zijn zus vroeger, regelmatig klappen met vaders rietje kreeg.

Vliegshow in Canada

Geplaatst: 29 juni, 2017 in Blog, column

Gisteren was er een vliegshow in mijn woonplek. Militaire straaljagers maakten er een dolle boel van. Vanuit mijn achtertuin kon ik de capriolen van de straaljagers meebeleven en snoof ik gewillig de kerosinegassen die als een nevel neerdaalden op.

Ook op de locale TV werd gewag gemaakt van het vliegevenement dat georganiseerd werd als voorproefje op 150 jaar bestaan van een onafhankelijk Canada.

Aanstaande zaterdag is Canada 150 jaar onafhankelijk mensen!

De militaire stuntpiloten kwamen lang bij het ziekenhuis in de buurt om kinderen met kanker te verrassen met ‘ja wist ik het maar.’ De camera draaide enthousiast mee. Het commentaar bij de beelden was patriottisch en emotioneel. De kankerkinderen waren dankbaar dat Canadese militairen hen bezochten en een hart onder de riem staken. Dat doen militairen hier namelijk altijd. Langs gaan bij kankerpatiëntjes. Blijkbaar strijden militairen vooral tegen kanker.

Ik zweer dat ik een van de kinderen aan een piloot hoorde vragen of hij wel eens een ziekenhuis gebombardeerd had waar kinderen met kanker lagen. 

Maar achteraf gezien denk ik dat mijn fantasie weer eens op hol sloeg.

Ik zit nu al tien minuten te zoeken om woorden om hier iets van te zeggen. Het enige wat ik kan weet is dat ik het niet precies weet, dat u het niet precies weet en dat niemand het precies weet. Men voelt zich steeds vlugger in het nauw gedrukt, steeds minder veilig op straat en daar wil men iets mee doen.

Dus gaan we fluiten naar een mooie dame verbieden. Het hinderlijk volgen verbieden. Iemand in het nauw drijven verbieden. De straat is eng en daarom gaan we regels bedenken die bevestigen dat het eng is op straat. Iemand die fluit is eng. Iemand die roept dat hij u knap vindt is eng. Uiteindelijk is iedereen eng. Seksueel eng.

Gelukkig ben ik niet eng. Ik loop, met mijn baseballcap over mijn hoofd getrokken licht gebogen over straat. Ik wil niet opvallen. Stel je voor zeg, dat ik opval, dat ik ‘iets raars’ doe, dat ik fluit of sis.

Ik loop achter een meisje dat in dezelfde richting wandelt als ik. Ik stop ik even. Doe niet al te vrolijk of blij. Zeg niets. ‘Vooral niet fluiten!‘ Wacht tot ze uit het zicht is. Om vervolgens opgelucht, zonder brokken te hebben gemaakt naar huis te lopen.

En het is stil op straat.

De burgemeester van Londen probeert de Londenaren, zoals het een burgemeester betaamt, te manen tot rust en kalmte: ‘No reason to be alarmed.’ ‘Keep calm and chive on,’ zou men zeggen in mijn woonplek.

Maar er is ook nog een president van de Verenigde Staten van Amerika, zijn naam is Donald Trump die een andere mening toegedaan is:

Screenshot from 2017-06-05 10-21-08‘Je moet paniek maken klootzak!, alle moslims detineren, een lynchpartij organiseren, de Londenaren onder de wapenen brengen, je moet razzia’s bij moskeeën organiseren, het leger inschakelen, moslimbuurten bombarderen, enzovoort, enzovoort.’

De president van de Verenigde Staten mensen. ‘The leader of the free world.’ Een kind is het nog. Zowel emotioneel als intellectueel. Met nucleaire wapens als speelgoed. Hij vindt de opwarming van de planeet maar onzin. Vind de vrede bewaren onzin. Hij scheldt op alles en iedereen die niet precies doet zoals hij wil. De planeet heeft te maken met een verwende snotaap die alles kapot wil maken als hij zijn zin niet krijgt. Met zijn ‘covfefe.’ Ik moet er van kotsen.

Over aanslagen en waanzin

Geplaatst: 4 juni, 2017 in Blog, column
Tags:, ,

Mensen zijn boos en terecht. De aanslagen in Londen en Manchester hakken er flink in. Mensen krijgen, als ze dat al niet hebben, een steeds grotere hekel aan moslims, een steeds grotere hekel aan alles wat een tintje heeft: ‘Minder minder minder!’ En wil ze het land uitschoppen. Oorlogsvluchtelingen tegenhouden. Waar rook is, is vuur nietwaar?

In Syrië vallen bommen en granaten. Aanslagen in Afghanistan. Chaos in Libië. Irak ligt in duigen. De mensen daar krijgen, als ze dat al niet hebben, een steeds grotere hekel aan christenen, aan alles wat wit is. En wil ze het land uitschoppen.

Ik neem aan dat u begrijpt waar ik naar toe wil. Een actie lokt een reactie uit. Een oog voor een oog. Een aanslag tijdens concert voor een anonieme bombardement in een of andere moslimstreek waar dode kinderen bij vallen. Een aanslag op een brug om iets wat een westerse mogendheid geflikt heeft in het midden-oosten.

De waanzin heerst. Mensen radicaliseren, waar u ook kijkt. In het oosten én in het westen. Een zeker allooi gooit olie op het vuur voor politiek gewin. In het oosten én in het westen. En mensen slaan door. Worden gek. Laten zich overhalen. En steken een moslim overhoop. Blazen zichzelf op tijdens een concert. Rijden mensen overhoop op een brug. Bombarderen steden waar mensen wonen die u willen aandoen wat wij hen aandoen.

En ik zit me, met al mijn westerse privileges, af te vragen hoe ik een eind moet breien aan mijn betoog. Mijn excuus daarvoor.

Anonieme zaaddonor

Geplaatst: 2 juni, 2017 in Blog, column
Tags:, ,

Ik vraag me wel eens af hoe het is om een kind van een anonieme zaaddonor te zijn. Hoe het is om om te zijn voortgekomen uit een kwak die met behulp van een versleten Candy uit een of andere penis gemolken is. Ik vraag me af hoe de man, die zijn zaad in een potje gedeponeerd heeft zich voelt als hij zijn donatie aflevert bij de balie.

Ik vraag me wel eens af of ik in staat zou zijn zaad te doneren voor mensen die, om welke reden dan ook op die wijze een kind willen verwekken. Wel weet ik wat ik zou vragen als ik de stap zou wagen om mijn zaad te doneren: ‘Heeft u ook wifi?’

Ook verschenen in 120woorden

Glazige ogen

Geplaatst: 15 mei, 2017 in Blog, column
Tags:

Tijdens mijn ochtendwandeling met de hond loop ik langs een bushalte. Er staat een jongedame. Terwijl ik langs haar loop kijkt ze met glazige ogen door me heen. Ze zegt iets, waarvan ik aanneem dat een groet is. Beleefd groet ik terug. Maar ze mompelt onverdroten verder, starend naar iets waar ik geen deel van uitmaak. Dan realiseer ik me dat ze een conversatie voert met een i-Pad. Ik onderdruk de neiging me opgelaten te voelen, haal mijn schouders op en gooi het zakje met hondenpoep in de afvalbak bij de halte.

Eenmaal weer thuis zie ik mijn buurman. Hij zit in de tuin en kijkt op van zijn mobiel. “Mooi weer vandaag!” Instemmend steek ik mijn denkbeeldige mobiel op.

Ook verschenen in 120w.nl