Nieuwe tube tandpasta

Geplaatst: 15 april, 2018 in Blog, column

Gisteravond lag er een nieuwe tube tandpasta op de rand van de wastafel. Mijn vrouw houdt dat soort zaken keurig bij, net als met nieuwe toiletrollen, shampoo en zeep. Toen ik de dop van de tube losdraaide zag ik dat het dit keer groene tandpasta was. In de vorige tube zat blauwe tandpasta. En ik meen dat we de keer daarvoor tandpasta hadden waarvan je je na iedere kneep afvroeg hoe ze die kleurige strepen in de pasta gekregen hadden.

Vroeger hadden we alleen maar Prodent tandpasta, wit met een pepermuntsmaak. Geen kleurtjes, geen streepjes, niets. En ik mocht zelf uitvogelen hoe en wanneer ik mijn tanden wilde poetsen. Naar de tandarts ging ik niet. Mijn vader had een kunstgebit en mijn moeder had een slecht gebit. Ik herinner me hoe er zo nu en dan een stukje tand uit mijn gebit losliet dat dan als een stukje eierdop tussen mijn tanden knarste. Hoe ik in mijn vroege tienerjaren met mijn tong de gaten in mijn kiezen kon voelen en hoe mijn tong zich kon snijden aan een tand waar kortgeleden een stuk van afgebroken was.

Natuurlijk kreeg ik last van mijn gebit. Ik moest voorzichtig eten om geen pijnlijke schokken te voelen als ik op iets hards beet. Ik was een jaar of 15 toen ik voor het eerst écht kiespijn kreeg en naar de tandarts moest om die kies te laten trekken. Het kwam niet in mij en mijn ouders op om een vervolgafspraak te maken, om mijn gebit te laten saneren. En de tandarts zei ook niks.

Terwijl ik dat opschrijf begrijp ik opeens waarom de tandarts altijd zo nors was als ik weer eens een pijnlijke kies moest laten trekken. Wat zal de man zich geërgerd hebben aan het kerkhof in mijn mond. 

Toen ik een jaar of 26 was werd mijn gebit gesaneerd. Alles wat rot was werd getrokken, en gevuld. En dat was omdat er een tandarts een praktijk was begonnen in mijn woonplaats en mijn toenmalige vrouw ons bij hem liet inschrijven. En de tandarts wilde me per se zien. En mijn toenmalige vrouw was het met hem eens.

De nieuwe tandarts was een zware stotteraar en er werd door zijn stotterhandicap veel om de man gelachen. Ook door mij. Zijn vrouw was een logopediste. Daar werd ook weer om gelachen. Ik liep liever met ‘de grapjassen’ mee dan dat ik zei wat ik werkelijk dacht. Dus lachte en grapte ik mee. Terwijl de man mijn gebit met veel geduld en precisie had gesaneerd. Stank voor dank.

Zijn praktijk groeide en bloeide. Na een tiental jaren in zijn praktijk gewerkt te hebben woonde hij met zijn vrouw in een gloednieuw, riant vrijstaand huis met een aangebouwde tandartsenpraktijk en een praktijk voor logopedie. Petje af.

Ik draaide de dop op de tube tandpasta en zette de tandenborstel op de lader. Het rode lampje flikkerde even en daarna het groene lampje. Ik gorgelde en spoelde en keek even in mijn mond: riante, vrijstaande tanden die aan een kostbare verbouwing toe zijn met veel ruimte voor een brug en een plaat.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s