Over de man die alles te verliezen had

Geplaatst: 6 november, 2017 in Blog, column, Fictie

Tim was die ochtend vroeg wakker. Geldzorgen maalden door zijn hoofd. De hypotheek kon hij niet meer betalen. Zijn baan stond op de tocht. Zijn kinderen wilden studeren. Zijn vrouw liet alles aan hem over. “De ideale vrouw,” dacht Tim destijds, maar inmiddels was haar eeuwige: “Wat jij zegt lieverd,” hem een kwelling geworden.

Tim stapte uit bed, trok zijn badjas aan en beende naar beneden om, onder het genot van een mok oploskoffie en een sjekkie ‘de rekensom’ voor de zoveelste keer te maken. En ook nu weer stond er een dikke ‘min’ achter het eindgetal. Tim nam een flinke haal van zijn peuk. Zijn rechteroog traande van de bijtende rook.

Altijd om klokslag 6 uur ging Tim naar zijn werk. Hij arriveerde daardoor te vroeg op zijn werk en kon dan alvast het werk voorbereiden. ‘Alles om een goede indruk te maken op zijn baas, alles om te ontsnappen aan de volgende ontslagronde. Alles om te voorkomen dat hij zijn huis moest verkopen en ‘het vrouwtje’ teleur moest stellen.’

Dit keer ging Tim vroeger dan gewoonlijk naar zijn werk; hij was immers toch al wakker. In de verte zag hij een zwaailicht. Een agent maande Tim om te stoppen. Er was een ongeluk gebeurd. Het ambulancepersoneel was doende om zo goed en zo kwaad als het ging een gewonde uit een auto te halen en op een brancard te leggen. Tim rolde een sjekkie en toen hij het aanstak kringelde er rook in zijn rechteroog. Met een traan tot gevolg.

Tim keek op de klok. Als hij nu niet vertrok zou hij te laat op zijn werk komen. In het brein van Tim begon het te malen. Zijn baan, de hypotheek, zijn onwetende vrouw, zijn kinderen, zijn.., zijn.. “Ik kom verdomme te laat op mijn werk,” tierde Tim. Hij sprong uit zijn auto en smeekte een agent hem erlangs te laten: “Ik kom te laat op mijn werk,” smeekte Tim: “Mijn baan, alsjeblieft, ik kan er makkelijk langs…”

De agent was onverbiddelijk en keek Tim streng aan. Toen knapte er iets bij Tim. Hij rende naar de ambulance en trok aan de brancard, schopte een deuk in het spatbord en tierde en schreeuwde.

Een agent hield Tim staande. Hij werd achterin een van de politieauto’s gezet, geboeid en wel. Tim zweeg en kalmeerde. Hij wist dat hij alles wat hij had kwijt zou raken. Een last viel van zijn schouders. Tim rolde zo goed en zo kwaad als het ‘geboeid’ ging een sjekkie. Hij nam een opgeluchte haal van zijn peuk. Een traan biggelde langs zijn wang.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s