No mercy

Geplaatst: 17 september, 2015 in Fictie

Een brommer stopte op de weg. En hij bleef staan, zonder reden. De eigenaar van het vehikel bleef roerloos. De motor sloeg af. Ik keek even, maar besloot de situatie te negeren. Ik stak de weg over en keek nog eens. De man was afgestapt en wandelde naar me toe. Hij liet me zijn tanden zien. Een van zijn tanden was zwart. ‘Wil je hem er voor me uittrekken?’, vroeg hij beleefd, ‘ik verga van de pijn.’ ‘Ik heb geen tang,’ zei ik schouderophalend, ‘bovendien ben ik geen tandarts.’ Bedaard bond de man een touw aan zijn tand en knoopte het aan zijn brommer: ‘ik kan de tandarts niet betalen,’ legde hij uit en wees naar zijn brommer: ‘plankgas graag, no mercy.’

Ik stapte op zijn brommer; een aftandse Puch Maxi van voor de laatste crisis. Ik draaide de gashendel vol open om de man van zijn kwelgeest te verlossen. Ik hoorde een knak en stopte om te kijken of het gelukt was. Aan het eind van het touw zag ik een tand, met wortel en al. Ik raapte zijn tand op om aan de man te laten zien. Merkwaardig genoeg was hij in geen velden of wegen te bekennen.

Ik voelde hoe de wortel van de tand zich in mijn lijf drong en bezit van mij nam. Ik voelde hoe pus van de rotte tand bezit nam van mijn bloed. Ik keek in het achteruitkijkspiegeltje van de Puch en zag hoe een van mijn tanden zwart werd. Bovendien voelde ik hoe de tand pijnlijker en pijnlijker werd. Ik voelde hoe mijn geest zwarter en zwarter werd. Pijn en lust tegelijk. Ik genoot van de pijn om dat ik de pijn aankon, makkelijk aankon.

Alles in mij was aan het rotten, ik wist het en ik voelde het. Waarom is rotten zo lekker? Ik wist dat ik snel moest zijn. Iets duivels nam bezit van mij. Ik moest er van af!

Ik stapte op de Puch en reed tot ik iemand zag die me misschien kon helpen. Ik bond het touw rond mijn tand en vroeg een argeloze man om me te helpen: ‘no mercy’ Maar ik was al te ver heen. Mijn persoonlijkheid was verrot, de pijn in mijn tand gaf alleen puur genot. Ik nam mijn rotte tand tussen duim en wijsvinger en draaide eraan. Het gekraak in mijn kaak was het fijnste geluid dat ik ooit gehoord had. De pijn die ik voelde wilde ik met iemand delen. Ik drukte de man mijn rotte tand in zijn hand; ik kon wel een kompaan gebruiken.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s