Archief voor september, 2013

Afscheid

Geplaatst: 23 september, 2013 in column

Voorzichtig leg ik mijn hand op je schouder.
Je schrikt een beetje en kijkt op.
Ik ga je even wassen en verschonen.
Je staat op, klemt je vast aan je rollator en wil me volgen.
Vergeet de rem van je kar niet lieverd.
Onder de douche, was ik je, spoel je af en dep je voorzichtig droog.
Moet je nog zalf op je bedzeer?
Dan wandelen we samen, naar je stoel, doe je steunkousen aan en geef je je medicijnen.
Wil je ook koffie?
Mijn dag zit er op, ik rond af en doe de overdracht.
Tot morgen allemaal!
Ik wuif even extra, want ik kom niet meer terug.
Het is namelijk crisis en dan worden mensen als ik wegbezuinigd.

Liefdesgif

Geplaatst: 22 september, 2013 in column

Kom niet te dicht bij,
te dicht bij mij.
Ik maak je,
relax je,
slapper,
dan slap,
blijf weg.
Uit de buurt,
van mijn liefdesgif.

Het ligt niet aan jou,
je zoekt het gevaar,
als je wild wilt en aan mij,
verslingerd raakt.

Zweef dan weg,
zo zorgeloos,
en verpoos,
daar waar niemand je stoort,
daar waar je hoort.

Vloeibaar goud,
stroomt in mijn bloed,
ik ben veilig
en voel me goed.

Ik ben verliefd
op het gevaar.
Smelt het vuur,
doe het voorzichtig,
anders kom ik klaar.

Ik heb me aan je gebrand,
het voelt zo goed,
en maak me geen zorgen,
en er is leed,
zorgen voor morgen.

slapper dan slap,
hou ik me vast,
aan je liefdesgif.

De stilte op straat

Geplaatst: 21 september, 2013 in column

De stilte op straat,
die ik hoor vannacht,
als je thuiskomt,
dronken, lallend,
struikelend en vallend.

Op straat blijft het stil,
als je me een klap geeft,
omdat ik niet doe,
wat je met je vieze lijf,
van me wil.

Dan komt de straat tot leven,
want hier is het weer stil,
Jij ligt te snurken,
en deed alles met me,
tegen mijn wil.

‘Kijk toch uit dochterlief.
En voor het donker thuis,
want in de nacht,
is het niet altijd pluis.’

‘Ik zal goed uitkijken papa,
en kom op tijd terug.
Ik zal veilig hier weer zijn,
bij jou en mama.’

Het is stil in huis,
als ik thuiskom vannacht.
Dat is omdat
pappa,
mamma
dan weer heeft verkracht.

Mijn liefste

Geplaatst: 20 september, 2013 in column, Poëzie

Je ben niet nat mijn liefste,
wat is er aan de hand?
Wat ik ook doe mijn liefste,
je lijkt wel droger dan,
het droogste woestijnzand.

Heb ik niet beloofd je trouw te blijven?
Dit was de laatste keer.
Word toch nat mijn liefste.
Ik wil met je vrijen liefste, steeds maar weer.

Ik moet je verlaten liefste,
want ik heb liefde nodig,
meer dan jij me geven kan.
Door mij ben je opgedroogd,
En je verdient een betere man.

Je bent zo nat mijn liefste,
ik verdrink in jou minnespel.

Als ik bij jou binnenkom,
voedt mijn roede zich aan jou.
Zuigt het je leeg en droog,
en zal ik je moeten verlaten mijn liefste,
liefste, mijn liefste vrouw.

Gebroken hart

Geplaatst: 19 september, 2013 in Dingen van de dag

Ze had haar lijf gegeven,
en heeft een kind gekregen,
dat sprekend op hem lijkt.

Een man die eeuwig van haar zou houden,
haar nooit in de steek zou laten,
een man, allang vergeten,
in een vorig leven verlaten.

Een nieuw man gevonden,
die altijd van haar houdt.
Ze heeft een tweede kind gekregen.

Een kind die die eeuwig van haar zou houden,
haar nooit in de steek zou laten.
Hij zou haar nooit vergeten,
en haar nooit verlaten.

En de oudste jongen,
was jaloers op zijn broer,
en besloot hem te doden.

Het kind dat eeuwig van haar zou houden,
en haar nooit verlaten,
werd overhoop gestoken,
door hem die sprekend op hem lijkt.
Hij had haar hart gebroken.

Koud

Geplaatst: 18 september, 2013 in Poëzie

Koud

Regen slaat neer,
verkilt mijn lijf.
Een regenjas,
heb ik niet, meer
zon zou van pas
komen, of een lekker warm wijf.

Kogel in mijn hoofd

Geplaatst: 18 september, 2013 in column

Een kogel in mijn hoofd.
Door mijn schedel,
door mijn slaap.
Levenloos,
van het verstand beroofd,
val ik,
dood,
in het water.
Een harde plons.
Een geluid,
dat ik niet hoor.
Ik ben al weg,
in diepe rust,
onderweg,
op reis,
en er vandoor.

Een kogel in mijn hoofd.
Verstand spat rond.
Iedereen gilt.
Hou toch op.
Ik ben al dood,
voor eeuwig stil.
Ik luister niet.
Laat me drijven,
naar het einde,
naar het duister,
want een God,
die zie ik niet.

Verbrand me,
begraaf me,
maar jammer niet,
want voor luisteren,
was het te laat,
al veel te laat.

Er zit er een kogel in mijn hoofd.
Ik heb mezelf,
met succes,
van het levend lijden beroofd.